SOEPEL TOERKANON

TEST YAMAHA TRACER 900GT

Vier jaar geleden kwam Yamaha met de Tracer 900, een tour-sportmachine met een vleugje adventure-genen. Vorig jaar voegde Yamaha daar een Grand Tour uitvoering aan toe. Daarmee maakte MotoDrive een mooie ‘Grand-Tour’ door de Franse Vaucluse.

De Tracer GT is gebaseerd op het laatste model van de Tracer 900, dat vorig jaar een update kreeg. Daarbij kreeg de Tracer een langere achterbrug, een beter zadel, een smaller stuur en een breder windscherm, dat met één hand in hoogte te verstellen is.

Daarnaast kreeg hij betere passagiersvoetsteunen en betere duohandgrepen. Toch is het design nog altijd herkenbaar als telg van de ruige ‘The Dark Side of Japan’- designrichting, waarin de dubbele koplampen met LED dagrijverlichting zorgt voor een lekker agressieve en sportieve uitstraling.

Het mag dan een volwaardige toermachine zijn, toch ziet hij er tamelijk rank en lichtvoetig uit omdat het kuipwerk is opgebouwd uit luchtig over elkaar liggende panelen, terwijl de slanke koffers van de GT-uitvoering dat beeld niet verstoren. Voor die GT-uitvoering betaal je € 14.299,-. Dat is precies € 2.000,- meer dan voor de ‘small tour’-uitvoering. Daarvoor krijg je niet alleen een set 22-liter city-koffers, maar ook hoogwaardige, volledig instelbare voor- en achtervering – met handversteller voor de monoschokdemper achter -, cruisecontrole, een in één richting werkende quickshifter, standaard handvatverwarming en een full-color TFT-dashboard. Het dashboard staat standaard ingesteld op de witte achtergrond met zwarte letters en dat is prettig, want dat kun je in alle weersomstandigheden fantastisch goed aflezen.

De koffer in

De city-koffers van de Tracer GT zijn fraai en compact. Ze hangen aan een nette, geïntegreerde bevestiging waarvan het slotsysteem met de contactsleutel wordt bediend. In druk verkeer is het een groot voordeel dat de koffers smal zijn, zodat je er gemakkelijk mee door de files kunt. Het nadeel is dan natuurlijk wel dat er minder in past dan, bijvoorbeeld in de toerkoffers van een FJR1300AE. Maar gelukkig bieden de handige duohandgrepen meer dan genoeg houvast om een roltas op vast te knopen, dus met die oplossing steven ik op de Route du Soleil af. Dat gaat lekker. De Tracer heeft geen enkele moeite met de bagage, stuurt lekker neutraal over de klaverbladen en is in elk geval tot ruim boven de toegestane maxima lekker stabiel. Daar ga ik niet al te ver boven, want het afleggen van afstanden is een kwestie van weinig tijd verliezen. Niet te vaak tanken dus. De Tracer is gelukkig behoorlijk zuinig. Het verbruik is ongeveer één op 19, zodat je 342 km op een tank kunt halen. Daarvoor moet je ingespeeld raken op de brandstofmeter, die lang bovenin blijft staan en vervolgens vrij hard daalt. Het duurt dan echter nog best even voor hij begint te knipperen.

Actieve zithouding

Yamaha had ons testexemplaar voorzien van het als accessoire leverbare comfortzadel, dat ook elektrisch te verwarmen is. Niet dat dat nodig was bij 20°C, maar toch. De andere voordelen zijn belangrijker: het zit best goed; het zadel heeft een stugge basis met een soepele polstering, waardoor de druk aardig goed wordt verdeeld. Pluspunt is verder dat de benen veel ruimte hebben en dat je knieën niet al te ver geplooid zitten. Het stuur staat op hoge risers op de diep in de kuip verborgen kroonplaat. Zo staat het stuur goed binnen handbereik, met een prettige hoek voor de polsen. De houding is dusdanig dat je heel licht voorover zit, maar je niet op je polsten leunt. Dat is prettig. De windbescherming van de bredere ruit is ook goed, al zit ik met mijn lengte net in het turbulentiegebied. Yamaha heeft ook een hogere ruit in het accessoirepakket. Dat lijkt me ideaal!

Als een beer

In de binnenlanden van de Vaucluse speelt de driecilinder CP3-krachtbron van de Tracer 900GT zijn troeven uit. De 847cc-krachtbron trekt als een beer van onderuit weg, waardoor je er gemakkelijk mee uit haarspeldbochten wegrijdt. Je kunt daarbij vaak goed terug naar de eerste versnelling, omdat die redelijk lang is. Dat merk je ook bij het wegrijden, dan moet je de koppeling relatief lang laten slippen om vlot weg te komen, wat weer goed gaat omdat de kabelbediende multiplaatskoppeling zich licht laat bedienen. Daarna gaat de Tracer er bijzonder vlot vandoor. De trekkracht zwelt boven de 3.000-4.000 tpm behoorlijk aan, om er vlakbij de 8.500 tpm, waar het maximum koppel geleverd wordt, nog even een schepje bovenop te doen en een ‘top end rush’ naar de 11.000 tpm in te zetten. Daar kun je dankzij de quickshifter razendsnel en gemakkelijk opschakelen. In de praktijk zul je dat niet eens zo vaak doen, omdat de motor tussen de 4.000 en 6.000 tpm al zoveel trekkracht paraat heeft, dat je bij een normale rijstijl en vlot rijden in de bergen min of meer in die toerentallen blijft hangen. Wat daarbij ook erg prettig is, is dat de motor over het algemeen behoorlijk weinig trillingen produceert, omdat ze is voorzien van een goed gedimensioneerde balansas. Wat ook helpt, is dat Yamaha de krukas 5 mm uit het hart van de cilinders heeft geplaatst, waardoor de zuigers minder agressief kantelen en minder hard tegen de zuigerwand drukken bij de verbrandingsslag. Dat geeft minder slijtage en minder wrijvingsverliezen.

Riding Modes

Zoals tegenwoordig gebruikelijk heeft ook de Yamaha Tracer 900GT een schakelaar waarmee je de modus van het motorblok en de tractiecontrole kunt instellen. De motor heeft een A-stand en een B-stand voor mooi weer. De A-stand geeft een felle, sportieve gasreactie. De B-stand is merkbaar prettiger bij een relaxte rijstijl, omdat de gasreactie minder agressief is. Dat wordt nog een stuk minder als je de regenstand instelt, waarin de motor heel soepel op het gas reageert. Dat geeft veel controle als je in het midden van een bocht een klein beetje gas wilt bijgeven. Van de in drie standen instelbare tractie-controle is vooral de regenstand erg nuttig, die laat zich zelfs niet foppen door gladde teerstrepen op het asfalt. Gelukkig regent het er niet lang, zodat ik het grootste deel van de reis heerlijk kan genieten van het sportieve karakter van deze GT, die alleen zijn geld al waard is vanwege de betere vering. Hij is sowieso wat stabieler dan zijn voorganger, omdat de fraai gevormde, aluminium achterbrug langer is, waardoor de wielbasis van 1.440 naar 1.500 mm is gegroeid. Daarbij helpt het ook dat de vering van de GT duidelijk op een hoger plan staat. Die is lekker progressief, waardoor de Tracer kleine oneffenheden heel goed opneemt en toch stabiel blijft als je grotere oneffenheden tegenkomt.

Massacentralisatie

Door de uitstekende vering kun je optimaal gebruik maken van de wendbaarheid van de Tracer GT. Je merkt wel dat het geen vlieggewicht is, maar zwaar is hij ook niet: volgetankt weegt hij maar 214 kg, bovendien heeft Yamaha veel aandacht besteed aan de massacentralisatie. Dat zie je bijvoorbeeld aan de collector van het uitlaatsysteem, die zit onder het blok. Dat helpt. De Tracer laat zich gemakkelijk insturen en in doorlopende bochten hoef je niet tegen het stuur te blijven drukken om hem op de gewenste koers te houden, terwijl je in doorlopende bochten ook nog vrij gemakkelijk van koers kunt wisselen als blijkt dat je niet die ideale lijn hebt gekozen of dat je om de hoek toch net even een ruimere lijn om een tegenligger heen moet nemen. Het geeft allemaal veel vertrouwen, waar ook de riante grip van de Dunlop Sportmax D222 banden een aardige rol in spelen, net als de erg fijne radiale remmen.

Grand Tour

GT staat voor Grand Tour. Het is dan ook de perfecte motor voor een grote tour of vakantietrip. De Tracer is lichtvoetig, hij stuurt scherp, hij is razendsnel en behoorlijk zuinig. Het is een sportieve, comfortabele machine waarop je ook nog bagage kunt meenemen. Een echte GT dus.