VAN NOORD NAAR ZUID VIETNAM

REIZEN MET DE MOTOR

Na 1,5 jaar revalideren van een motorongeluk besloot ik op reis te gaan. Nadat ik het topje van de Kilimanjaro had aangetikt, vervolgde ik mijn reis naar Vietnam. Hier besloot ik, na veel twijfelen, om een motor te kopen en op avontuur te gaan.


Een motor kopen in Hanoi

Ik ben nogal een avonturier en daag mijzelf graag uit. Aangekomen in Hanoi stel ik mijzelf de vraag of ik dit echt ga doen. Het ongeluk van 1,5 jaar geleden heeft flink wat fysieke en mentale verwondingen met zich meegebracht. Maar iets in mij zegt dat dit het moment is weer op te stappen.

In mijn Hostel ontmoet ik bij aankomst Patrick, een Oostenrijker die voor KTM motoren test. Wat een geluk. Hij is bereid mij te helpen met het uitzoeken van een motor. Samen verkennen wij de motoren markt.

Hanoi is rijk aan Honda Winn motoren van 110 cc. Je kunt deze huren voor drie weken voor 180 Amerikaanse
dollar. Maar ik wil voor het echte avontuur gaan en besluit dus een motor te kopen. Via de Facebook groep Vietnam motorbikes for sale kom ik in contact met backpackers die hun motor verkopen. Ik spreek met meerdere mensen af en maak verschillende testritten. Ik ontmoet serieuze motorrijders maar ook 19 jarige feestbeesten die eigenlijk geen idee hebben hoe ze een motor moeten onderhouden. Na lang afwegen besluit ik de motor te kopen van een Nederlands stel. Een keurig onderhouden motor inclusief knipperlicht dat veel herrie maakt bij het aangeven van de richting. Dit is in Vietnam geen overbodige luxe want het verkeer is chaotisch en levensgevaarlijk. Samen doen wij de laatste check bij de garage en voor 300 Amerikaanse dollars is deze Honda Winn, inclusief doodshoofd op de tank van mij.

Dit is niet mijn eerste avontuur op de motor. In Europa ben ik veel op de motor weggeweest. Het enige verschil is dat ik toen de juiste spullen bij mij had. Nu heb ik 3000 kilometer te gaan door een land waar ik de taal niet ken en de motor net zo min.

In Hanoi koop ik een dikke jas, een passende helm en handschoenen. Wat onhandig sta ik voor het hostel mijn backpack op het bagagerek te binden. “Dit gaat me vast over vier weken beter af”, zeg ik tegen mezelf. 

Ik ben er klaar voor. Maar dan als ik weg wil rijden begint het. Het stuur gaat als een gek heen en weer. Shit! Begint dit nu al? Er zit niets anders op dan direct naar de garage te rijden waar ik mijn probleem uit leg. Waarop de monteur mij aankijkt en zegt ”No problem!! You will get used to it”. En niets is minder waar. Het trillende stuur is later de normaalste zaak van de wereld.

Het is nu tijd om echt te vertrekken. Als eerste bestemming kies ik Cat Ba eiland. Ik reis zonder plan, boek geen slaapplek van tevoren en probeer mij te laten verrassen door wat er op mijn pad komt. Het enige plan is dat ik over vier weken het land moet verlaten omdat mijn visum dan verloopt.

Hanoi uitrijden is een kunst op zich. Ik begeef mij tussen de toeterende motoren en scooters. Het lijkt een sport om zo veel mogelijk op deze tweewielers te vervoeren. Ik zie kippen, biervaten, zakjes met vissen. Je kunt het zo gek niet bedenken of het rijdt voorbij. Soms wel vier mensen op een motor en dat zonder helm. Ik beloof mezelf één ding elke dag opnieuw: Ik kom veilig aan bij mijn volgende bestemming.

Vietnamese rijstijl

De rijstijl van de Vietnamezen is bijzonder ongecontroleerd, abrupt en ontzettend onvoorspelbaar. Rechts inhalen, links inhalen, spookrijden, op het laatste moment uitwijken, afsnijden en niet te vergeten: toeteren. Heel vaak toeteren. De gemiddelde Vietnamees is onvoorspelbaar maar de talloze dieren die te pas en te onpas opduiken zijn erger. Honden liggen relaxed op straat en zijn ook niet van plan om op te staan. Kippen rennen zomaar over de weg. En als een kip zonder kop rennen ze de ene kant op om vervolgens rakelings langs mijn voorwiel te schieten. Het wordt een uitdaging de komende 3000 kilometer niets dood te rijden.

Cat Ba island

De eerste kilometers zijn eigenlijk heel saai. Maar ik rij op mijn eigen motor door Vietnam, hoe tof is dat! Aan de kant van de weg worden rijstvelden klaar gemaakt. Ik knijp mijzelf geregeld. Totdat het ineens begint te regenen. Ik heb een motorponcho gekregen bij mijn motor. Maar hoe werkt dit? De gaten die erin zitten moeten over de spiegels. Wie heeft dit uitgevonden? Maar voor nu houdt het mijn bovenlichaam droog.

Met een natte broek kom ik aan bij de veerpont naar Cat Ba eiland. Als ik mijn motor voltank valt ineens mijn voet koppelstuk van mijn motor af. Shit! Ik duw hem er terug op en ga de boot op. We varen langs de prachtige Unesco rotsen van Ha Long Bay. Het uitzicht is waanzinnig. Op het eiland aangekomen rij ik tussen de berg door naar de stad waar ik een garage zoek om de schroef van mijn koppel pedaal aan te draaien. Hier hoefde ik niets voor af te rekenen en de eerste reparatie, hoe klein hij ook is, is een feit. Voordat ik vertrok is mij gezegd: ”Succes! Met een Honda Winn sta je elke 5 minuten bij de garage”. Laten we hopen dat dat niet zo is.

 

De Ho Chi Minh Route

Via de website Vietnam coracle kun je talloze motorroutes uitkiezen. Er staan heel veel tips op om je motorreis door Vietnam onvergetelijk te maken. De site is wat gedateerd waardoor niet alle informatie nog actueel is, maar de routes kloppen nog wel.

Ik besluit via de klassieke Ho Chi Minh route af te dalen naar het zuiden. Om op deze route te komen moet ik via een drukke route afdalen naar Ninh Binh.

In Ninh Binh streep ik de volgende Unesco attractie van mijn lijst. In een sloep vol karaoke zingende Vietnamezen vaar ik twee uur lang tussen de grotten van Trang An. Er lijkt geen einde aan te komen. En als het dan begint te regenen moeten we allemaal helpen met peddelen om zo snel mogelijk terug te komen bij de ingang.

Ik vervolg mijn route naar het zuiden. Omdat ik de wegen nogal recht toe recht aan vind en omdat ik geen motor heb gekocht om zo snel mogelijk in Ho Chin Minh te komen tussen de agressief rijdende vrachtwagens, besluit ik een beetje van mijn route af te wijken.

De waterval

Ik plan de avond ervoor een spannende route. Tenminste zo ziet hij eruit op google maps. Een detour richting Laos naar een waterval. Zodra ik van de grote weg af ben en de wegen onverhard worden begin ik te juichen. Yes dit is het avontuur waar ik naar op zoek was. De wegen zijn ontzettend slecht maar ik heb ooit een enduro cursus gedaan. IK KAN DIT! De honden en kippen ontwijkend scheur ik door mijn eigen conimex reclame. Regelmatig knijp ik mijzelf of dit echt gebeurt.

Onderweg kom ik ineens een groep mannen tegen in zwart wit gestreepte uniformen waarvan een man een ander uniform aan heeft en een geweer in zijn hand. Alle mannen groeten mij vriendelijk terwijl ik over de keien langs ze scheur. Pas later besef ik mij dat er een gevangenis in de buurt is en dit gevangen zijn die aan het werk waren op het land.

Bovenop een berg kom ik een man tegen die zijn vuil aan het verbranden is en mij vriendelijk nawuift. De waterval is nog twee kilometer vertelt hij. Ik rij de berg af en daar zie ik iets wat ik niet verwacht had. Een rivier. Shit! En nu? Kan ik daar overheen? Wat als ik val? Hoe diep zou het zijn? De man komt aangerend en zegt mij dat ik daar prima doorheen kan. Hij wil mij wel helpen. Het water stroomt hard. Ik twijfel. Ineens slaat de onzekerheid toe. Ik ben alleen en ik heb eigenlijk niemand vertelt dat ik van mijn route ben afgeweken en richting de grens van Laos aan het rijden ben. Snel app ik mijn locatie naar mijn vriend in Nederland. Gewoon voor de zekerheid. Dit was de eerste keer in mijn rit dat ik mij zo kwetsbaar voelde als vrouw alleen. Dan besef ik mij ook dat ik niet meer getankt heb. Ik besluit het risico niet te nemen en de hele route terug te rijden. Terug over oneindig veel stenen, die buffel die veel te dichtbij stond, die hond met puppy’s die midden op de weg liggen, langs al die schreeuwende mensen die gebaarde dat ik moest stoppen. De rit terug kost mij de rest van de dag.

Aan het einde van de dag kom ik aan in een klein stadje waar ik de keuze heb tussen twee hotels. Het hotel dat op een spookhuis lijkt waar ik bijna naar binnen wordt getrokken of het hotel waar een groep dronken mannen voor de deur staat. Ik kies voor de dronken mannen. Foute keuze. De rest van de nacht spendeer ik met een rat in mijn kamer waardoor ik geen oog dicht doe. Wat een geluk. Ik baal van dit alles en vraag mij af waarom ik in godsnaam alleen op reis ben...

 

...WORDT VERVOLGD!