De STYRKEPRØVEN achterna

Bas Westerweel & Anton Wegman

Bas Westerweel, zelf herstellende van een Bypass operatie, is ambasadeur voor Stichting PLN. Hij is samen met Anton Wegman, die de ziekte PLN heeft, op de motor naar Trondheim gereden om getuige te zijn en verslag te doen van de Monstertocht 2018.

Locatie; laatste pompstation, A7 voor de grens. Anton en ik bekijken elkaars motor. Jongetjes zijn we. Nee, natuurlijk niet, experts. We lopen om de KTM en de 1200 en knikken en denken.

"Geen cardanas, lijkt me heerlijk."
"Jij hebt een top op je scherm?"
Anton neemt een slok koffie.
"Krijg nooit een vliegje op mijn helm."

De BMW met z’n koffers heeft een flinke derrière. De KTM oogt gestroomlijnder met een topkoffer. De tweewielers willen draven, de weg op, kilometers maken.

Waarheen? Noorwegen, Trondheim.

Een paar maanden eerder ontmoet ik Anton. Ik ben herstellende van een Bypassoperatie en weer voorzichtig aan het werk. Anton zit naast me aan de vergadertafel van de stichting PLN. Ik ben gevraagd om tijdens een sessie met creativiteit de stichting te helpen een volgende stap te maken. Als je PLN hebt, dan heb je echt vette pech. Door een foutje in de genen is je hartspier ziek en kun je ritmestoornissen krijgen die soms kunnen leiden tot een plotselinge hartdood. Een kastje in je borst geïmplanteerd (ICD) kan helpen. Als je een ernstige storing krijgt, geeft het kastje een schok en gaat ie weer in het ritme, je hart. Anton heeft zo’n ICD.

Het onderwerp is de Styrkeprøven, een Monstertocht; een fietstocht van één dag in Noorwegen over 543 kilometer. Een groep van twintig fanatiekelingen waaronder zes cardiologen doen eraan mee en zamelen zo geld in voor onderzoek naar PLN. Voorspeld is dat, als er voldoende geld is, onderzoek echt kan leiden tot een oplossing. Geld geeft hoop dus en waar hoop is …

De sessie verloopt voorspoedig. Het wordt gaaf. We gaan zoveel mogelijk sponsoren en donateurs vinden. Iedereen is blij. Mooie energie. Hoppa.

ʻʻIk ga er heen.ˮ
Ik kijk Anton aan: ʻʻOok fietsen?ˮ
ʻʻNee, Ik heb PLN en een ICD.
Ik ga op de motor. Het is misschien wel mijn laatste grote motortrip.ˮ
ʻʻWat?ˮ
ʻʻIk ga naar Trondheim, kijken naar de Monstertocht.ˮ
Het schiet vanonder uit mijn buik omhoog.
Kriebels worden woorden en ontsnappen uit mijn mond.
ʻʻMag ik mee?ˮ

Ik rij voorop richting Kiel. Duits asfalt schiet onder ons door. Een makkelijke rit tot aan het begin van de overtocht. Ook naar Bremen gaat het voorspoedig, maar vanaf daar begint het pas. Bij Hamburg zit werkelijk alles klem. Alsof ze besloten hebben om het tapijt er toch maar in één keer uit te halen. Tok tok, rare jongens die Duitsers. Door stof en versmallingen rommelen we ons naar de Stena Line.

Zweden

Motoren worden vastgezet met één spanband. ʻʻIt’s not a rough sea tonight, sirˮ

Alsof je dan lekker slaapt. Want wat als het toch een tikkie rough gaat worden? Is één spanbandje dan voldoende? En mag je voor een eventueel extra bandje wel het dek op? Motoroverpeinzingen en een deinende boot; ik val in slaap.

Tien uur later ontmoet ik Anton aan het ontbijt. Hij ziet er uitgerust uit en heeft een blije kop. Prachtig!

Het schip meert aan. De pakken aan, de koffers erop, oordoppen in. Klart? Okay? High five en hop Zweden in.

Anton stuurt in het MCL in Leeuwarden vier teams aan die zich bezighouden met het elektronisch patiëntendossier (EPD). Ondanks zijn hartspierfunctie van nog maar 35%, en niet wetende hoeveel dat volgend jaar zal zijn, stuurt hij nu mij ook de goede kant op. Misschien zelfs dankzij de verminderende functie van zijn hart. ʻʻIk weet niet wanneer en of ik ooit weer zo’n reis ga en kan maken.ˮ Anton heeft alles uitgestippeld. Deze reis moet gaaf zijn en bijzonder. We zijn op weg naar Hamar. Houten huizen in geel en blauw sieren de lange strakke vloer waarover we gas geven. We zijn alleen.

Als ik niet veel later mijn eerste foto wil maken blijft mijn vinger achter iets scherps hangen.Een gaatje en bloedverdunners is geen goede combinatie. Bloed in Zweden? Tip; neem pleisters mee.

Hamar

In twee dagen rijden we van Göteborg naar Trondheim. We overnachten in Hamar vlakbij het omgekeerde Vikingschip. Je weet wel, schaatsen? Johan Olaf Koss? Zandstra?

Na Hamar rijden we al snel de hoofdweg af. Het landschap wordt wonderschoon, begint te slingeren, te stijgen en te dalen. En dan houdt het asfalt op... Vlak over de brug net na de bocht, weg weg. KTM en 1200 fronzen een cilinder en zoeken een spoor tussen zand en kiezels. Hier zijn ze voor gebouwd. Makkie. Veertien kilometer lang geen tegenliggers. Heerlijk!

In Noorwegen zijn er voldoende tankstations waar het prima toeven is. Broodje, drankje en soms een burger. Anton zit er doorheen die dag. Hij legt z’n hoofd tegen het raam en sluit z’n ogen. Ik maak me zorgen.

De StyrkeprØven

De volgende dag is het de dag van de Styrkeprøven. Honderden fietsers gaan een dag lang van noord naar zuid op de pedalen. Een monstertocht over 543 km. De groep Nederlanders is vroeg vertrokken en wil de klus binnen 21 uur klaren. (Wat ze, op twee uitvallers na, uiteindelijk ook lukt. Totaalbedrag dat wordt opgehaald is ruim een half miljoen euro!) Dit is de bestemming van Anton. Hier naartoe rijden op de motor en dan kijken naar de helden. Sportieve gekken aanmoedigen die op deze bizarre manier aandacht vragen voor iets wat hij bij zich draagt. PLN.

Hij staat langs de kant en maakt foto’s. Hij zet z’n GoPro aan en volgt de groep een tijd op de motor. Ik rij achter hem aan en observeer. Na een uur zet Anton z’n motor aan de kant en doet z’n helm af: ʻʻZo. Ik ben er klaar mee. Ik ga niet tot het eind van de fietstocht achter ze aan rijden. Het is goed zo.ˮ

PLN-anton en bypass-bas

We besluiten op dat moment dat ik met Anton mee zal rijden voor de laatste paar dagen door Noorwegen. PLN-Anton en Bypass-Bas, twee harten heren op motoren. We houden elkaar in de gaten. Ieder keer als we opstappen steekt degene die voorop gaat rijden een duim op. Een vragende duim. ʻʻGa je goed? Ik hou je in de gaten!ˮ

Een paar uur later wordt het landschap grilliger en kouder, rotsen ruiger en begroeiing steeds minder. De eerste haarspeldbochten dienen zich aan. We knijpen in de koppelingen, schakelen terug, kantelen en draaien. En dan zijn we op het plateau. Zomaar. Ik verstom. Het is zo overweldigend prachtig. Sneeuw, zonlicht, water, bergpieken en oneindig ver kunnen kijken. We stoppen. Anton klimt op een rots. Een traan rolt over z’n wang.

Overtocht naar denemarken

De twee dagen die volgen gaan richting de overtocht van Zuid-Noorwegen naar Noord-Denemarken en huiswaarts. We rijden links en rechts langs de Fjorden. Tweebaanswegen gaan zomaar over in eenbaansweg. Bochten krullen langs rotspartijen. We halen in en hangen minutenlang achter niet te passeren dikke campers. Anton lijkt opgelucht, hij snijdt de bochten jaloersmakend scherp aan, geeft gas en verdwijnt steeds weer uit mijn gezichtsveld. We duiken met druppels op het vizier lange donkere tunnels in en rijden er weer uit met het zonlicht vol in de ogen.

Noorwegen is een motorsprookje. Een landschap van Odin en Thor waar je ieder moment de cast van Game of Thrones over een bergrug verwacht. Waar mensen fris uit rotsen zijn gehakt en elfentaal spreken. Het is een fantastisch land voor je eigen motortraining.

In Denemarken steken we nog één keer een duim op. Anton gaat linksaf, een vriend bezoeken. Ik rij door.

 

“T ga je goed?
Dank voor het in de gaten houden!ˮ...